schoot

Vanuit Wiktionary, die vrye woordeboek.
Jump to navigation Jump to search

Nederlands (nl)

Enkelvoud Meervoud
Naamwoord schoot m schoten 
Verkleinwoord schootje schootjes

Nuvola apps edu languages.png Uitspraak

Hulp:IPA: [sχot]
  Nuvola apps amarok.png 
(lêer)

Open book 01.png Selfstandige naamwoord

   Crystal Clear app kedit.svg Betekenisse

Skoot; die bokant van die dye van iemand wat sit.

Open book 01.png Werkwoord

   Crystal Clear app kedit.svg Betekenisse

  1. enkelvoud verlede tyd van schieten

   Emojione 1F4DA.svg Voorbeeldsinne

1.: Ik schoot.
2.: Jij schoot.
3.: Hij, zij, het schoot.