Gaan na inhoud

voetbalploeg

Vanuit Wiktionary, die vrye woordeboek.

Nederlands (nl)

Enkelvoud Meervoud
Naamwoord voetbalploeg voetbalploegen 
Verouderde vorme
Genitief voetbalploeg voetbalploegen  
Datief voetbalploeg voetbalploegen

Sjabloon:=fm2=

Uitspraak

IPA:
Nederlands: [ˈv̊udbɑɫˌplux], meervoud: [ˈv̊udbɑɫˌpluγ̊ə(n)]
Belgies: [ˈv̊udbɑɫˌpluɕ], meervoud: [ˈv̊udbɑɫˌpluʝə(n)]

Selfstandige naamwoord

    Betekenisse

  1. Voetbalspan
  2. Sokkerspan
«Terwijl de Egyptische voetbalploeg zijn zege over Italië in de Confederatiebeker aan het vieren was, is er een hele stapel Amerikaanse dollars uit hun hotelkamers in Johannesburg gestolen.»
Terwyl die Egiptiese sokkerspan hul Konfederasiebeker-sege oor Italië gevier het, is ’n hele klompie Amerikaanse dollars uit hul kamers in ’n Johannesburgse hotel gesteel.