Gaan na inhoud

blaffen (vervoeging)

Vanuit Wiktionary, die vrye woordeboek.
Vervoeging van die bedrywende vorm van blaffen
Onbepaalde wys Kort Lank
Onvoltooid Teenwoordig blaffen te blaffen
Toekomend zullen blaffen te zullen blaffen
Voltooid Teenwoordig hebben geblaft te hebben geblaft
Toekomend geblaft zullen hebben geblaft te zullen hebben
Gebiedende wysAanvoegende wysOnvoltooide deelwoordVoltooide deelwoord
ev.
blaf
mv. verouderd
blaft
blaffeblaffendgeblaft
Aantonende wysenkelvoudmeervoud
Onvoltooideerstetweedederdeeerstetweedederde
ikjij, jeugij, gehij, zij, hetwij, wejulliezij, ze
Teenwoordige tyd (o.t.t.)blafblaftblaftblaftblaftblaffenblaffenblaffen
Verlede tyd (o.v.t.)blafteblafteblafteblafteblafteblaftenblaftenblaften
Toekomende tyd (o.t.t.t.)zal blaffenzult/zal blaffenzult/zal blaffenzult blaffenzal blaffenzullen blaffenzullen blaffenzullen blaffen
Voorwaardelik (o.v.t.t.)zou blaffenzou blaffenzou(dt) blaffenzoudt blaffenzou blaffenzouden blaffenzouden blaffenzouden blaffen
Voltooideerstetweedederdeeerstetweedederde
ikjij, jeugijhij, zij, hetwijjulliezij
teenwoordig (v.t.t.)heb geblafthebt geblafthebt/heeft geblafthebt geblaftheeft geblafthebben geblafthebben geblafthebben geblaft
verlede (v.v.t.)had geblafthad geblafthad geblafthadt geblafthad geblafthadden geblafthadden geblafthadden geblaft
toekomend (v.t.t.t.)zal geblaft hebbenzal/zult geblaft hebbenzult/zal geblaft hebbenzult geblaft hebbenzal geblaft hebbenzullen geblaft hebbenzullen geblaft hebbenzullen geblaft hebben
voorwaardelik (v.v.t.t.)zou geblaft hebbenzou geblaft hebbenzou/zoudt geblaft hebbenzoudt geblaft hebbenzou geblaft hebbenzouden geblaft hebbenzouden geblaft hebbenzouden geblaft hebben
Onpersoonlijke lydende vorm geblaft worden
OnvoltooidVoltooid
Teenwoordige tyder wordt geblafter is geblaft
Verlede tyder werd geblafter was geblaft
Toekomende tyder zal geblaft wordener zal geblaft zijn
Voorwaardeliker zou geblaft wordener zou geblaft zijn