Apdikt

Vanuit Wiktionary, die vrye woordeboek.
Jump to navigation Jump to search

Luxemburgs (lb)

Naamval Enkelvoud
(sonder lidwoord) (met onbepaalde
lidwoord)
(met bepaalde
lidwoord)
Nominatief   Apdikt   eng Apdikt   d'Apdikt  
Datief   Apdikt   enger Apdikt   der Apdikt  
Akkusatief   Apdikt   eng Apdikt   d'Apdikt  
Naamval Meervoud
(sonder lidwoord) (met bepaalde lidwoord)
Nominatief   (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  Apdikten
  (elders:)
  Apdikte  
  (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  d'Apdikten
  (elders:)
  d'Apdikte  
Datief   (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  Apdikten
  (elders:)
  Apdikte  
  (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  den Apdikten
  (elders:)
  den Apdikte  
Akkusatief   (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  Apdikten
  (elders:)
  Apdikte  
  (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  d'Apdikten
  (elders:)
  d'Apdikte  

Vroulik

Nuvola apps edu languages.png Uitspraak

IPA:
nominatief: [ɑpˈdɪkt], onbepaald: [ɛŋɑpˈdɪkt], bepaald: [dɑpˈdɪkt]; meervoud: (voor spreekpouse, klinkers, "d", "h", "n", "t" of "z":) [ɑpˈdɪktən], (origens:) [ɑpˈdɪktə]; bepaald: (voor spreekpouse, klinkers, "d", "h", "n", "t" of "z":) [dɑpˈdɪktən], (origens:) [dɑpˈdɪktə]
datief: [ɑpˈdɪkt], onbepaald: [ɛŋɐɑpˈdɪkt], bepaald: [dɐɑpˈdɪkt]; meervoud: (voor spreekpouse, klinkers, "d", "h", "n", "t" of "z":) [ɑpˈdɪktən], (origens:) [ɑpˈdɪktə]; bepaald: (voor spreekpouse, klinkers, "d", "h", "n", "t" of "z":) [dənɑpˈdɪktən], (origens:) [dənɑpˈdɪktə]

Open book 01.png Selfstandige naamwoord

   Crystal Clear app kedit.svg Betekenisse

Apteek

   Crystal Clear app noatun.png Wisselvorme

Apdékt