Gaan na inhoud

Grousspapp

Vanuit Wiktionary, die vrye woordeboek.
Naamval Enkelvoud
(sonder lidwoord) (met onbepaalde
lidwoord)
(met bepaalde
lidwoord)
Nominatief   Grousspapp   e Grousspapp   de Grousspapp  
Datief   Grousspapp   engem Grousspapp   dem Grousspapp  
Akkusatief   Grousspapp   e Grousspapp   de Grousspapp  
Naamval Meervoud
(sonder lidwoord) (met bepaalde lidwoord)
Nominatief   (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  Grousspappen
  (elders:)
  Grousspappe  
  (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  d'Grousspappen
  (elders:)
  d'Grousspappe  
Datief   (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  Grousspappen
  (elders:)
  Grousspappe  
  (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  de Grousspappen
  (elders:)
  de Grousspappe  
Akkusatief   (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  Grousspappen
  (elders:)
  Grousspappe  
  (voor spreekpouse,
klinkers, "d", "h",
"n", "t" of "z":
)
  d'Grousspappen
  (elders:)
  d'Grousspappe  
IPA:
nominatief: [ˈgʀɔʊ̯spɑp], onbepaald: [əˈgʀɔʊ̯spɑp], bepaald: [dəˈgʀɔʊ̯spɑp]; meervoud: (voor spreekpouse, klinkers, "d", "h", "n", "t" of "z":) [ˈgʀɔʊ̯spɑpən], (elders:) [ˈgʀɔʊ̯spɑpə]; bepaald: (voor spreekpouse, klinkers, "d", "h", "n", "t" of "z":) [ˈdgʀɔʊ̯spɑpən], (elders:) [ˈdgʀɔʊ̯spɑpə]
datief: [ˈgʀɔʊ̯spɑp], onbepaald: [ɛŋəmˈgʀɔʊ̯spɑp], bepaald: [dəmˈgʀɔʊ̯spɑp]; meervoud: (voor spreekpouse, klinkers, "d", "h", "n", "t" of "z":) [ˈgʀɔʊ̯spɑpən], (elders:) [ˈgʀɔʊ̯spɑpə]; bepaald: (voor spreekpouse, klinkers, "d", "h", "n", "t" of "z":) [dəˈgʀɔʊ̯spɑpən], (elders:) [dəˈgʀɔʊ̯spɑpə]
Grootvader