zaaien

Vanuit Wiktionary, die vrye woordeboek.
Jump to navigation Jump to search

Nederlands (nl)

Stamtye
zaaien zaaide gezaaid  
Tydvorme
Persoon Teenwoordige Tyd Verlede Tyd
ik zaai zaaide
jij, u zaait
hij, zij, het zaait
wij, jullie, zij zaaien zaaiden
Gebiedende Wys Voltooide deelwoord Onvoltooide deelwoord
zaai gezaaid zaaiend
 

Nuvola apps edu languages.svg Uitspraak

Hulp:IPA: [ˈza.jə(n)]
  Nuvola apps amarok.png 
(lêer)

OCR-A char Hyphen-Minus.svg Woordafbreking

zaai•en

Open book 01.svg Werkwoord

   Crystal Clear app kedit.svg Betekenisse

Saai

   Crystal128-kig.svg Eienskappe

Oorganklike werkwoord.
Hulpwerkwoorde Bedrywend Lydend
Onvoltooid worden
Voltooid hebben zijn

Die voltooide deelwoord kan attributief gebruik word.
Swakke werkwoord met agtervoegsel -de.