spelen

Vanuit Wiktionary, die vrye woordeboek.
Jump to navigation Jump to search

Nederlands (nl)

Stamtye
spelen speelde gespeeld  
Tydvorme
Persoon Teenwoordige Tyd Verlede Tyd
ik speel speelde
jij, u speelt
hij, zij, het speelt
wij, jullie, zij spelen speelden
Gebiedende Wys Voltooide deelwoord Onvoltooide deelwoord
speel gespeeld spelend
 

Nuvola apps edu languages.png Uitspraak

Hulp:IPA: [spe.lə(n)]
  Nuvola apps amarok.png 
(lêer)

OCR-A char Hyphen-Minus.svg Woordafbreking

spe•len

Open book 01.png Werkwoord

   Crystal Clear app kedit.svg Betekenisse

Speel

   Nuvola apps kfig.svg Eienskappe

Oorganklike werkwoord.
Hulpwerkwoorde Bedrywend Lydend
Onvoltooid worden
Voltooid hebben zijn

Die voltooide deelwoord kan attributief gebruik word.
Swakke werkwoord met agtervoegsel -de.


Open book 01.png Selfstandige naamwoord

   Crystal Clear app kedit.svg Betekenisse

Meervoud van ☞ spel.